Vaccineren: een absolute noodzaak
De meeste katten in Nederland worden ieder jaar gevaccineerd. Maar helaas laat niet iedereen zijn of haar huisdier jaarlijks inenten. Dit kan grote risico’s met zich meebrengen. Een aantal zeer besmettelijke ziektes komen al jaren niet meer voor in Nederland. Dit is voor sommige mensen een reden om niet in te laten enten. Die ziektes zijn in Nederland uitgebannen, juist doordat we zo intensief alle huisdieren hebben ingeënt. Deze status moeten we in Nederland proberen te behouden.
Het entschema van de kat:
Het entschema van de kat is iets simpeler dan dat van de hond. In principe kunnen kittens vanaf 8-9 weken ingeënt worden. Deze vaccinatie moet herhaald worden 3-4 weken later, dus op 12 weken leeftijd.
9 weken:
- Niesziekte: herpesvirus & calicivirus
- Kattenziekte: Panleukopenievirus
12 weken:
- Niesziekte: herpesvirus & calicivirus
- Kattenziekte: Panleukopenievirus
Daarna wordt deze enting jaarlijks herhaald!
Op plaatsen waar een hoge infectiedruk heerst, kunnen we er soms voor kiezen om op 4-6 weken al de eerste inenting te geven en deze op 9 en 12 te herhalen. Of na de 9 en 12 wekenenting op 16 weken een derde inenting te geven. Plekken waar een hoge infectiedruk heerst zijn bijvoorbeeld in catteries, bij fokkers of op plaatsen waar al nieszieke katten zijn.
Andere ziekten waartegen katten kunnen worden ingeënt:
Inenten tegen FeLV is alleen nuttig als er een besmet dier in de omgeving aanwezig is. Bijvoorbeeld bij meerdere katten in huis, waarvan er één besmet is. Het beste is om de katten eerst te laten testen op FeLV alvorens tot een vaccinatie over te gaan. Een geïnfecteerde kat vaccineren is uiteraard zinloos. Dit testen kan bij ons op de praktijk.
De vaccinatie biedt echter geen 100% bescherming. FeLV komt in Nederland relatief weinig voor.
Klik hier om terug te gaan naar het diergezondheid menu >>